Week 02
4 Januari
Het echte leven is weer begonnen na de kerstvakantie, de kinderen hebben weer wat ouderlijk gezag nodig en ik word dus als 'onbestorven weduwe' wakker, gelukkig in een warm bed, hoewel het buiten kouder dan koud is. Ik begin al te wennen aan het nieuwe ritueel: kachels aanzetten, water voor koffie opzetten, paarden eten geven, hond uitlaten, boterhammen voor mijn moeder smeren en dertig keer haar vraag beantwoorden of ik goed geslapen heb. Misschien is dat wel goed, dan waardeer ik het koffie-op-bed ritueel waar ik eerst aan gewend was, weer des te meer.
Na het ontbijt maak ik eerst een afspraak voor mijn moeder bij de huisarts. Ze heeft namelijk al twee weken pijn op haar borst en hoewel ik er niets vreemds aan kan zien of voelen (ja ... voelen!) lijkt het mij toch beter dat de huisarts er even naar kijkt. We kunnen aan het eind van de middag al terecht. Daarna ga ik aan het werk en negeer ik mijn moeder, die drie keer naar boven komt om, what else, te vragen of ik het warm genoeg heb. Mevrouw T komt vandaag lang. Ik leg haar uit hoe de kachel in de badkamer werkt en waar de kledingkast van mijn moeder is. Zij gaat vanaf nu mijn moeder in bad doen. Als ik na een tijdje weer naar beneden ga om mijn caffeïnebehoefte te bevredigen, zit mijn moeder te klagen dat ze nooit meer in bad wil. Ze vindt het zo'n gedoe. Maar uiteindelijk draait ze natuurlijk wel weer bij. Waarschijnlijk is het toch best wel raar en spannend dat zo'n thuiszorgmevrouw, hoe aardig ze ook is, haar moet wassen. Mijn moeder ontkent trouwens dat het daar iets mee te maken heeft.
Ik heb verzonnen dat ik onderweg naar de huisarts even gauw boodschappen wil doen. Als ik het erna doe is het donker als we thuis komen en dat vermijd ik liever. Dus probeer ik mijn moeder zo ver te krijgen dat ze op tijd haar schoenen en jas aan heeft, maar ze blijft maar treuzelen, moet drie keer achter elkaar naar de wc. Nee, ze moet niet naar de wc, ze moet "even een plasje doen" en nog een plasje en nog een plasje, tot ik er gek van word. Ik heb altijd al een hekel aan die overdaad aan verkleinwoordjes (verkleinwoorden) maar uit haar mond lijkt het af en toe regelrecht op treiteren, zeker als ze na het derde plasje voor de vijfde keer haar rits weer opendoet omdat haar "broekje" niet goed zit en ondertussen vraagt of het hondje al een plasje heeft gedaan. Gggggrrrrrrrrrrrrrrr. En dan schiet ik uit mijn slof, zeg dat ze haar broek nu niet nog een keer open mag doen, dat ze NU haar jas aan moet doen en als een speer in de auto moet gaan zitten. En ik zeg erbij dat het af en toe lijkt of ze zit te treiteren met haar getreuzel. Oei, dat is natuurlijk helemaal fout. Ze wordt boos en zegt dat ze zich dat niet laat zeggen. Nou ja, ik heb het toch gezegd. En tegen de tijd dat we allebei in de auto zitten is ze het voorval alweer vergeten.
Bij de huisarts is het druk. Logisch, zo net na de vakantie. Hij hoort het verhaal aan en voelt en knijpt en duwt tegen de borst van mijn moeder, die af en toe met "au" reageert. We moeten over drie weken terug komen als het dan nog niet over is. Hij denkt dat het een soort spierpijn is. Buiten zegt mijn moeder dat ze blij is dat ze is gegaan, ze had zich zorgen gemaakt. Eenmaal thuis zegt ze dat haar vader ook aan kanker is overleden. "Hoezo ook?" vraag ik. "Nou ja, als het over drie weken niet over is heb ik dus kanker", zegt ze dan. Eerlijk gezegd lijkt het er bijna op dat ze het hoopt. Desondanks heb ik geprobeerd haar gerust te stellen.
Vanavond, als mijn man komt koffie drinken en aan haar vraagt hoe het bij de dokter was, zegt ze: "Nou, ik heb hier een knobbel (wijzend op haar borst) en dat is waarschijnlijk Alzheimer". Als ik dan zeg dat ze het vanmiddag nog over kanker had, zegt ze van niet. Als ik zeg dat ze al Alzheimer heeft, zegt ze ook van niet. Maar ze wil het er verder niet meer over hebben.
Even later belt een vriendin. Ze maakt een afspraak, wat nogal wat moeite kost. Als ze opgehangen heeft zegt ze dat ze zo in de war is vandaag, maar dat dat wel weer over gaat en dat zal ze dan wel uitleggen aan die vriendin. Ik zeg dat die vriendin het wel snapt omdat ze op de kerstkaart gezet heeft dat ze Alzheimer heeft. En dan zegt ze: "Oja? Heb ik dat op een kerstkaart geschreven? Goh, en het is nog niet eens zeker dat ik dat heb."
Nog weer even later is er een serie over prins Bernhard, waarbij onder andere zijn verleden in Nazi Duitsland nogal wordt uitgelicht. Mijn moeder is er totaal overstuur van. "Als kind heb ik nog naar die man gezwaaid. Hoe kan dat nou. Hier komt oorlog van. Als zijn vader dat geweten had (zij bedoelt prins Claus), dat was zo'n goeie man, die had dat vast niet goed gevonden". Rustig uitleggen dat het niet allemaal echt is werkt niet. Ik moet me beheersen, probeer haar naar haar bed te dirigeren, breng de kat er vast heen, zet de tv er vast aan met Pauw en Witteman erop, dat wil ze altijd zien, maar ze moet eerst haar schoenen nog uit, aan, uit, linker slof aan, rechter schoen weer aan, uit ...... Ik moet me beheersen. Ze raast maar door over Bernhard en Claus en Beatrix en haalt iedereen en alles door elkaar. Ik bedenk dat ze snel een ander programma moet zien, zodat ze daardoor afgeleid wordt, maar ze blijft in de weer met haar schoenen en sloffen. Ik moet me beheersen. "Pauw en Witteman begint, ga maar gauw kijken. Trek daar je schoenen maar uit. De kat is er al, ik ga nog even met de hond uit. Ik breng je zo nog wel wat te drinken. Ga maar gauw". Ik duw haar bijna haar slaapkamer in en ga dan even gauw naar de wc. Maar dan hoor ik haar gelijk alweer op de trap lopen, naar haar oude slaapkamer. Ze is vergeten waar ze slaapt. Ik breng haar weer naar haar slaapkamer, vertel haar weer dat ik de hond nog eerst ga uitlaten, maar voordat ik bij de deur ben loopt ze me alweer achterna, laat de kat uit haar kamer ontsnappen en vraagt aan mij waar de kat is. Ik moet me beheersen. Het duurt nog ongeveer tien minuten voordat ze goed en wel in bed ligt. Ik hoop dat ze bij Pauw en Witteman geen enge onderwerpen behandelen. Het is bijna een verademing om in de vrieskou even met de hond buiten te lopen, en ik bedenk me dan dat ik misschien wel heel erg naief heb gedacht over wat me verder te wachten staat.
8 Januari
Mijn moeder is al een paar dagen aan het sukkelen. Ze heeft diarree gehad en is extreem moe en down. Ik heb er niet gelijk aan gedacht, maar waarschijnlijk heeft het te maken met het feit dat ze nu, sinds woensdag een dubbele dosering Exelon heeft. De verschijnselen die ze heeft staan allemaal als bijwerkingen in de bijsluiter genoemd. We houden het in de gaten. Het is niet de bedoeling dat ze zich beroerd gaat voelen door die pleisters, desnoods moet de dosering dan maar weer gehalveerd, hoewel dat natuurlijk ook een duivels dilemma is.
Ze ligt veel op de bank, half te slapen, en 's morgens kan ze bijna haar bed niet uitkomen en ligt er soms wel tot elf uur in, ookal probeer ik haar eruit te krijgen.
We proberen bij een heleboel voorwerpen in huis te achterhalen waar het vandaan komt, of wie het gemaakt heeft. Als zij er niet meer is of het is vergeten komen we er nooit meer achter. Maar bij dat soort vragen krijg je nooit "gewoon" een antwoord, er komt gelijk een heel verhaal, dat dan ook nog vele malen herhaald wordt. En verder zijn we aan het 'opruimen'. Relatief gezien gaat het met een slakkengangetje, maar toch ruimt het op. Het kost me niet eens veel moeite om dingen weg te doen. Wat dat betreft ben ik tegenovergesteld aan mijn moeder. Gelukkig maar.
Vanavond, als mijn zoon er ook is en we in de kamer koffie zitten te drinken, springt de hond ineens van een stoel en loopt naar de deur. Net op dat moment is er op het journaal een item over de begrafenis van Ferrier (de eerste president van Suriname), met beelden van een lijkkist, en mijn moeder zegt: "pas op de hond hoor, dat hij niet per ongeluk ook in die kist terecht komt". En dat is geen grapje van haar, vandaar dat we ook uit alle macht proberen om niet te lachen. (Ik kende de naam "Ferrier" trouwens alleen van de zangeres Kathleen Ferrier, die zijn dochter blijkt te zijn, maar dat terzijde.)
10 Januari
Vanmorgen, aan het ontbijt, heeft mijn moeder geen rust. Ze blijft maar heen en weer lopen. Eerst loopt ze steeds naar een zakdoek te zoeken en komt uiteindelijk met een washandje terug. Later, nadat ze er een aantal keren haar mond en neus mee heeft afgeveegd vind ik het washandje weer terug in de kast, weer iets waar ik goed op moet gaan letten dus. Maar ze maakt het nog bonter, want nadat ze al haar broekzakken tevergeefs heeft nagezocht op zakdoekjes, snuit ze haar neus in een plastic zakje, zo'n hondenpoepzakje. Gelukkig was dat een nog ongebruikte. Ze vindt het doodnormaal trouwens.
Als de thuiszorg is geweest, willen we gaan wandelen, zodat zij ook een keer buiten komt in plaats van de hele dag op de bank voor de tv te hangen. Er ligt nog steeds een flink pak sneeuw en het sneeuwt ook behoorlijk, dus ik geef mijn moeder haar hoge bergwandelschoenen. Het kost haar een minuut of twintig om die aan te trekken. Ze zit steeds met de veters in haar vingers, bijna zichtbaar te bedenken hoe dat ook al weer werkt. Als ik aanbied om te helpen, zegt ze nogal veneinig dat ze dat zelf wel kan, dat heeft ze tenslotte al haar hele leven gedaan.
Als we dan eenmaal buiten lopen, vraagt ze me een keer of tien of ik niet blij ben dat we zijn gaan wandelen in plaats van de hele dag binnen te zitten terwijl het zo mooi is. Ze doet alsof het allemaal haar plan was. Dat doet ze vaak trouwens. Ze pikt mijn teksten in en doet dan alsof die van haar zijn, ook al heeft ze eerder met een ijzeren stelligheid het tegenovergestelde beweerd.
Wanneer we een paar kinderen passeren die met een sleetje aan het spelen zijn en duidelijk lol hebben, zegt ze: "die kinderen, die moeten ook altijd rotzooi trappen". De hond blaft, nee keft, zeer opdringerig naar alle voorbijgangers maar daar mag ik niets van zeggen, dat is 'zijn manier om te praten'. Mijn moeder is duidelijk niet meer aan het sukkelen vandaag maar nu is ze wel heel erg irritant. Ze loopt doorlopend te praten, echt continu. Als we 's middags in de kamer naar het schaatsen kijken, kunnen mijn man en ik niets tegen elkaar zeggen of ze bemoeit zich ermee. Ze heeft steeds commentaar, of hele theorieën over wat ze op de tv ziet, terwijl ze er geen bal van snapt.
En dan krijgt ze de folder over de Exelon in het vizier en gaat er in zitten lezen, althans, ze kijkt er aandachtig naar, waardoor de schijn gewekt zou kunnen worden dat ze aan het lezen is, maar in werkelijkheid zit ze minstens een uur naar dezelfde bladzijde te kijken. Ondertussen bestookt ze mij met vragen en opmerkingen: of ik het al gelezen heb; of ik wel weet wat er allemaal in staat; of ik wel weet hoe belangrijk dat is; dat zij het nu voor het eerst ziet; dat het heel ingewikkeld is en dat het heel belangrijk is dat zij precies weet wat erin staat.
Ik ga koken om van haar verlost te zijn. Als het eten klaar is, halen we haar naar de keuken om aan tafel te eten, in plaats van in de woonkamer bij de tv. Ze is nog steeds over die folder bezig. "Die folder is belangrijk, die moet goed beschermd worden, ik ga er even wat overheen leggen", zegt ze, terwijl ze ondertussen naar de wasmand met schone was loopt en er een onderbroek van mijn man uitvist. En dan heb ik het even helemaal gehad met haar. Ik trek de onderbroek uit haar handen en leg die terug en ik snauw tegen haar "en nu ga je zitten en eten". Oei, oei, oei. Ze pakt een stoel en slaat die hard tegen de grond, voordat ze gaat zitten mokken. Ze is kwaad (begrijpelijk) en gedraagt zich als een klein kind. Nou ja, ik heb haar ook behandeld als een klein kind. Het scheelt dat ze dit soort momenten toch weer snel vergeet. Als ik probeer om haar tijdens het eten af te leiden door te vragen naar haar vriendin die binnenkort een feestje geeft, reageert ze heel verontwaardigd: "dat heb ik je al een keer verteld". "Oh, sorry hoor, maar ik vergeet ook wel eens wat". En daarna raakt ze het eerste uur niet meer uitgepraat over haar vriendin en de broer van haar vriendin en de moeder van haar vriendin en de oorlog en ......., tot mijn man en ik er helemaal knettergek van worden. We besluiten allebei maar even naar huis te gaan en mijn moeder een paar uurtjes alleen te laten.
Als mijn man mij om een uur of half elf terug brengt, staat de buitendeur open en loopt mijn moeder zonder jas, op haar sloffen door de sneeuw. Ze zegt dat ze de paarden nog wat hooi wilde geven en heeft verder een warrig verhaal waar we geen touw aan vast kunnen knopen.
We drinken nog thee en dan gaat mijn man weer naar huis, naar de kinderen, en blijf ik achter om op mijn moeder te passen, want dat dat nodig is, is wel duidelijk. Gelukkig is dit een tijdelijke situatie, dat is een schrale troost.