Week 50
13 December
Vanmorgen als B er is, loopt mijn moeder ineens te huilen. Ze zegt dat haar beste vriendin dood is en dat ze niet naar de begrafenis kan omdat het zo ver weg is. Ik weet wat er gebeurd is: ze is in de war door een gesprek dat ze gisteravond had met een kennis uit het buitenland. Ze hadden het onder andere over iemand die al minstens 10 jaar dood is. Als ik dat tegen haar zeg, ontkent ze in alle toonaarden. Ze is ervan overtuigd en pas als ik haar laat bellen met de buurvrouw van de vermeende dode vriendin, gelooft ze dat ze zich heeft vergist. Ze is heel erg opgelucht en komt dan ook ineens met de verklaring: het komt doordat haar broer een kaartje heeft gestuurd en die naam lijkt er zo op. Voor alle duidelijkheid: haar broer heeft geen kaartje gestuurd, hij laat zoals gewoonlijk niets horen, zelfs niet als hij net opa van een kleindochter is geworden, waar wij achter kwamen omdat we zelf belden. Bovendien lijkt de naam van haar broer voor geen meter op die van haar vriendin. Mijn moeder is heel erg in de war. Zo erg dat ze ook ineens in een vreemde taal tegen mij gaat praten en daar niet mee ophoudt, ook niet als ik haar een paar keer zeg dat ik haar niet versta als ze geen Nederlands praat.
Met mijn dochter samen schrijf ik de naam van mijn moeder op alle kerstkaarten. Ze kan dat zelf helemaal niet meer, ze snapt niet eens meer dat haar naam erop moet. We gaan een briefje bij de kerstkaarten in doen om al haar kennissen op de hoogte te stellen van de situatie, voorzover ze dat nog niet weten. We hebben even getwijfeld, maar vinden dat het beter is als iedereen het weet, zodat ze geen ingewikkelde brieven meer aan haar schrijven die ze niet meer kan lezen en begrijpen en die haar wel in de war en paniekerig maken. Ze kunnen in plaats daarvan beter een simpel kaartje of een foto sturen, daar heeft ze meer aan.
Mijn moeder kijkt naar Zappelin en Sesamstraat en ziet elk klein kind dat op de tv komt aan voor één van haar eigen achterkleinkinderen. Ik heb het idee dat ze in een soort overgangsfase zit, alsof ze het laatste restje bewust-leven doormaakt, dat ze zich af en toe nog realiseert dat ze Alzheimer heeft, maar vaker in een soort luchtledig gebied verkeert. Ookag valt het op dat ze moeilijker loopt, ze begint heel erg te sloffen.
Na een weekendje dooi is het vandaag weer gaan vriezen en sneeuwen. Het is koud. Net zoals vorig jaar vraag ik me steeds af of mijn moeder de volgende zomer nog mee zal maken, of volgende kerst ..... Vorig jaar dacht ik echt dat ze deze kerst niet meer zou halen, maar misschien gaat ze nog jaren mee.
14 December
Mijn moeder is zwaar in de mineur vanaf het moment dat ze uit bed komt. Ze loopt te huilen, heeft het over het grote feest gisteren, het feest voor het nieuwe kind van haar broer. Ik vraag welk feest ze bedoelt en kom er uiteindelijk achter dat ze onze high tea in het kasteel bedoelt. Haar broer heeft geen nieuw kind, alleen een nieuw kleinkind en dat heeft niets met het kasteel te maken. Maar als ik probeer uit te leggen dat dat niet daarvoor was, is haar reactie "oh, dus het was allemaal nep" en ze begint nog harder te huilen. Ik probeer haar nog te troosten maar ze is ontroostbaar. Ze pakt huilend haar kam om er vervolgens haar tanden mee te poetsen. Ik ga maar in de keuken zitten en laat haar in de badkamer, waar ze op een stoel naast de kachel zit te huilen met een badhandoek als zakdoek. Ze wil niets van me weten nu.
Gelukkig gaat het na een tijdje weer beter. Ze ontbijt en gaat daarna in de kamer zitten met de krant op schoot, terwijl ze tv kijkt en mij trakteert op warrige verhalen over mensen van vroeger. Ik kijk op de klok omdat ik benieuwd ben hoe lang ik het kan volhouden om naar haar te luisteren. Ze heeft het over iemand die nog ouder is dan zij, waar ze zolang als ik me kan herinneren geen contact mee heeft gehad, en die ze nu ineens wil gaan bellen om te vragen of ze daar pianoles van kan krijgen. Die persoon was een goede vriendin van haar en zou ook nog eens dicht in de buurt wonen. Als ik vraag waarom ze er dan al die tijd geen contact mee heeft gehad, komen er allerlei argumenten die erop neerkomen dat ze zich te goed voelde om met die "vriendin" om te gaan. Bah, het lijkt m'n moeder wel. Ik hou het twintig minuten uit, dan heb ik het helemaal gehad met haar en ga de hond maar uitlaten.
De rest van de dag verloopt rustig, ondanks de extreme verwardheid. Als ze eindelijk in bed ligt, komt ze er ineens weer uit. De hond zit vast, zegt ze. Ik ga kijken en mijn moeder zit aan de oren en het nekvel van de hond te trekken. Ze heeft blijkbaar vaag het idee dat ze een halsband moet afdoen, maar die zit er niet en dus probeert ze iets anders af te doen wat daar in de buurt zit. Arme hond.